Oei, ik loei…

In Den Haag en Brussel chanten hele groepen politici ‘minder stikstof, minder stikstof, minder stikstof’. En misschien is het wel een mantra dat nog heel veel meer mensen zouden moeten herhalen tot in het oneindige. Maar hoe vaak je je boodschap ook blijft herhalen: als je op de politiek wacht om veranderingen door te voeren kun je beter meteen beginnen met het asfalteren van de Peel.

Op Twitter volgen we net over de duizend mensen, bedrijven, doelen en dergelijke. En van hen is 99 procent voorzien van een mening die niet per definitie de onze is, maar het zijn wel allemaal meningen die gaan over natuur, milieu, klimaat en bijvoorbeeld dierenwelzijn. Het resterende procent predikt overwegend nonsens, en ook dat is gek genoeg een kleur die op geen enkel pallet mag missen.

Stikstof is voor de natuur het grote probleem. Koeien zijn een deel van de oorzaak. Bij het gebrek aan een goed pensioenstelsel voor koeien zou een deel van de strijd tegen stikstof gewonnen kunnen worden door koeien werkeloos te maken en te verhuizen naar het abattoir. Geen koe die het daar mee eens is, maar een geruimde koe stoot niets meer uit.

Hoeveel doen we er weg? De helft? Zestig procent? We pakken het doortastend aan en roeien gewoon alle koeien uit. Geen beest sparen we, en als eerste koe-neutrale land van Europa gaan we de toekomst tegemoet. Op papier scoor je zo een mooi punt ten bate van het milieu.

En het lost werkelijk niets op. Bij de eerste zucht wind uit het oosten wordt stikstof uit Duitsland hier gebracht en afgezet.

Goed, wat een boerenbedrijf nu uitstoot aan stikstof dat in de directe omgeving neerslaat is voor sommige soorten natuur geen opsteker. Maar de aanvoer van onder meer stikstof uit het buitenland door de wind is niet alleen niet te beheersen, het is ook niet te bewijzen.

Toch is het maar de vraag of het per saldo gaat om de stikstof uit die melkkoeien die we moeten bestrijden. De vleesindustrie is misschien meer een sector om eens goed de focus op te zetten. Tientallen miljoenen dieren in recordtijd opkweken voor de slacht is ook niet stikstofvrij te doen. In welke mate is een plofkip een stikstofkip?

Rapporten spreken elkaar tegen, het landbouwakkoord is geklapt, politici hebben allemaal hun eigen agenda en zeker is er in feite helemaal niets. En voor we weten met welk mechanisme we de natuur op een afdoende wijze kunnen herstellen en hoe we de depositie van alles wat schadelijk is kunnen voorkomen en neutraliseren zou het mooi zijn als iedereen meedenkt over wat we nu kunnen doen. Vandaag, en morgen.

Akkers inzaaien voor bijen en vlinders? Natuurlijk. Maar ook vogelakkers aanleggen, en weilanden waar weidevogels goed gedijen. Misschien helpt het om rond de kwetsbare gebieden een groot aantallen hectares in te zaaien met gewassen die graag en veel stikstof opnemen. Weer massaal wilgen in de slootkant, en de verdwenen geriefhoutbosjes terug.

En vooral kennis bundelen en samenwerken. Praten kost tijd, doen koopt tijd. Doen kan morgen beginnen.

Dat doen is een kwestie van trial and error. Als tien dingen niet werken werkt het elfde misschien wel. En wie staan er elke dag weer midden in de natuur? Boswachters. Goed, punt voor u. Maar ook boeren. Ze kennen elke vierkante meter van hun akkers en weiden, en ze weten precies wat het waar goed doet of juist niet. Ze weten precies wat er door de jaren heen rond hun bedrijf is veranderd, en welke veranderingen na de aanpassingen van welke regels kwamen. Het mooie daaraan is dat je door uit die kennis te putten per regio kunt sturen op resultaat.

We moeten af van het idee dat 2030, 2035 of 2050 een deadline is, en moeten proberen te beseffen dat 2023 een startdatum moet zijn. Doen, proberen, krachten en kennis bundelen. Zoveel mogelijk realiseren terwijl de politiek praat.

Vraag de politiek om het recept voor een brood en er komt ruzie over de ingrediënten. Vraag het een bakker en je krijgt meteen een antwoord.